Oorlog
en religie

Een
veel gehoorde uitspraak is dat godsdienst of religie de oorzaak is
van alle ellende in de wereld, met name oorlogen. Ik vroeg me af of
deze uitspraak ook op werkelijke feiten berust, of dat er andere
oorzaken aan ten grondslag liggen. Natuurlijk is op dit moment de
oorlog in Syrie en Irak in het oog springend met een gewelddadig
opleggen van een religieus standpunt. Maar kijken we naar de eerste
en tweede wereldoorlog dan heeft religie daar niets mee te maken
gehad. Militair historisch gezien wordt altijd duidelijk rekening
gehouden met het feit dat er talloze maatschappelijke, materiële en
ideologische factoren een rol spelen, waarbij de strijd om schaarse
grondstoffen vaak een van de belangrijkste is. Toch is het beeld van
religieus geloof zo onuitwisbaar aanwezig in ons seculiere bewustzijn
dat we de gewelddadige zonden van de twintigste eeuw stelselmatig op
de rug van de religie laden en deze de politieke woestijn in drijven.
Men beweerd vooral dat het monotheïsme intolerant is en dat elk
compromis onmogelijk is als iemand gelooft dat “God” aan zijn
kant staat. Er wordt dan verwezen naar de kruistochten, inquisitie en
de godsdienstoorlogen uit de zestiende en zeventiende eeuw en dan nu
naar IS.

Wanneer
we teruggaan naar het ontstaan van de allereerste menselijke
gemeenschappen, zien we dat van het jager verzamelaar zijn
omgeschakeld wordt naar het agrarisch concept, waarbij voor het eerst
overschotten ontstonden en men een soort “rijkdom” kende. Het
gevolg was dat deze rijkdommen verdedigd moesten worden tegen andere
gemeenschappen maar ook dat er mensen waren die door hun
eigenschappen in staat waren deze rijkdommen voor een groot deel voor
zichzelf te houden. De grote verschillen werden hiermee geboren. De
natuurgodsdiensten die al bestonden werden geïntegreerd binnen de
leefwereld van die gemeenschappen en konden niet losgekoppeld worden
van hun streven hun rijkdommen (overschotten voor slechtere tijden)
te vermeerderen of te verdedigen. In die duizenden eeuwen is er
eigenlijk niets veranderd met de mensheid. In gemeenschappen die meer
produceren dan ze nodig hebben, kan een kleine groep het overschot
gebruiken om zichzelf te verrijken, een monopolie op geweld op te
bouwen en de rest van de bevolking te domineren. Macht en vooral
militaire macht werd en wordt opgebouwd om de rijkdommen te
beschermen of zelfs uit te breiden. Het politieke spel wat daarbij
ontstond tussen politieke machthebbers en religieuze machthebbers,
maakte dat een verschil tussen die twee vaak heel onduidelijk was, ja
soms in elkaar overvloeiden. Uiteindelijk allemaal met maar één
doel, de eigen macht behouden of uit te breiden. Mijn conclusie
hieruit is dat niet de religie de oorzaak is van al het geweld maar
de machtshonger van mensen.

A.L.
Duscees