Goochelaars

De
kop boven deze column suggereert dat het hier gaat over magiërs of
wellicht mensen die als zodanig aangeduid worden omdat ze door
ontduiking van regeltjes of door gebruik te maken van allerlei slimme
trucjes daarmee hun voordeel willen behalen. Nee, daar gaat het niet
over, deze naam wordt gebruikt door een kennis van mij die daarmee de
generatie van Google gebruikers wil aanduiden. Wij hebben het daar
wel eens over en onze ideeën daarover komen aardig overeen. Als 60
plussers hebben wij nog de tijd meegemaakt dat kennis vergaard moest
worden door veel te lezen en dit bij onszelf op te slaan, niet
vluchtig lezen om ergens een antwoord op te vinden, maar begrijpend
lezen.

Het vluchtig scannen van informatie in plaats van problemen te
doorgronden is de kwaal van deze generatie. In 2013 verscheen er een
boek “Digitale dementie” de vertaling van het boek van de Duitse
psychiater prof. dr. Manfred Spitzer, hierin wordt uitgelegd hoe
frequent gebruik maken van computerfaciliteiten leidt tot vervlakking
en gebrek aan diepgang. Dit wordt ook duidelijk in ons onderwijs,
waar leerlingen steeds slechter worden op het gebied van lezen,
interpreteren en evalueren van teksten. Het gebrek aan
leesvaardigheid bij een kwart van de basisschool leerlingen bedraagt
thans een achterstand van twee jaar en dit wordt waarschijnlijk nooit
meer ingehaald. Er wordt steeds minder gelezen terwijl onderzoek
uitwijst dat het regelmatig lezen van boeken leidt tot meer succes op
school en een hogere intelligentie. Volgens het Sociaal en Cultureel
Planbureau lezen zestigplussers 6 x zoveel als jongeren tussen de 10
en 19 jaar. Het verschil is nog groter bij het lezen van kranten 18 x
minder. “Bij de zogenaamde Steve Jobsscholen waar kinderen
uitsluitend met behulp van elektronische hulpmiddelen les krijgen en
waar boeken per definitie niet meer gebruikt worden, leidt men
scholieren vermoedelijk op tot culturele en intellectuele
neanderthalers,” aldus prof. dr. Bob Smalhout in een van zijn
columns.

Natuurlijk is de mogelijkheid die de elektronische revolutie
ons geeft niet per definitie negatief, het geeft ook enorm grote
mogelijkheden, zelf maak ik veel gebruik van bv. wikipedia, waar ik
vroeger de dikke encyclopedie (bestaan die nog ?) moest raadplegen om
achter bepaalde zaken te komen is nu het eenvoudig intikken van een
trefwoord voldoende om alles over een onderwerp op je beeldscherm te
krijgen. Maar hoe lezen we dan vervolgens ? Ik ben er achter gekomen
dat ik bv. voor achtergrondinformatie voor een column, in de loop der
tijd meerdere malen hetzelfde onderwerp heb opgezocht, met andere
woorden het blijft niet echt hangen en dat ligt niet alleen aan mijn
leeftijd. Het snel iets willen weten beperkt zich meestal tot een
detail een snel antwoord op je vraag zonder dat je weet hoe dit
antwoord tot stand is gekomen. De achterliggende informatie maakt dat
je echt begrijpt waarom dat het antwoord is en dat zul je nooit meer
vergeten.

De dreigende ontwikkeling van wat ook wel de 0-dimensionale
mens wordt genoemd werd gedefinieerd in het NRC Handelsblad van 21
september 2013 door historicus Bastiaan Bommeljé. Hij schreef dat
“iedereen, met name de politiek, geen enkel oog heeft voor de
crisis die Nederland in de Europese achterhoede terugwerpt. Dat is de
digitale crisis, die het intellectuele bindweefsel van de samenleving
aantast en de toekomst van nieuwe generaties blijvend bedreigt.” In
die zin is de verbasterde benaming van die kennis van mij voor deze
generatie wel een treffende, nl. antwoorden tevoorschijn toveren
zonder er ook maar iets van te begrijpen.

A.L.
Duscees