Lachen
is gezond

Na
de carnaval, waar zeker ook bij de optochten de nodige humor was te
vinden, bracht mij op het idee het begrip humor eens nader te
bekijken en zeker ook na de aanslag op het Franse satirische
weekblad. Onder humor valt heel veel te verstaan, zoals zelfspot,
satire, karikatuur, typetjes, parodie of imitatie, geveinsde domheid
of platte humor enz. enz. Wat voor de één humor is, is voor de
ander wellicht kwetsen of beledigen, toch kan niemand zonder een
bepaalde vorm van humor. Het woord humor is heel nauw verwant aan het
woord humeur en beïnvloed onze stemming. Humor is bijna altijd
gebaseerd op een zgn. dubbele binding, wat wil zeggen dat men
enerzijds sterk geassocieerd wordt met een bepaald onderwerp en
anderzijds dat onderwerp zodanig gerelativeerd wordt dat men afstand
neemt van het onderwerp en het dus niet langer ernstig neemt.

De
dubbele binding die hierdoor in de hersenen ontstaat leidt doorgaans
tot lachen. Een goed voorbeeld van zo’n dubbele binding is
een vorm van taalhumor, wat ikzelf leuk vind om te doen, waarbij een
bestaand woord een totaal andere betekenis krijgt. Bv. het woord
‘aanslagbiljet’ wat op zich voor ieder duidelijk is, kun je ook lezen
als montage voorschrift (aan de slag gaan) of het woord
‘zorgverzekeraar’ benoemen als iemand die jouw zeker grote zorgen
berokkend. Simpele voorbeelden van een dubbele binding. Dit is
onschuldige humor, maar er bestaat ook humor waar een boodschap in
verborgen zit zoals bv. een taboe aan de kaak stellen of de
‘verkeerde’ gedragingen van iemand zonder dit rechtstreeks te
benoemen. Bij satire wordt dit duidelijk gemaakt door sterk te
overdrijven of er andere zaken aan te verbinden. Wat voor de een om
te lachen is kan voor de ander betekenen dat die zich kwaad maakt.
Toch hebben we humor nodig, soms om bepaalde spanning weg te nemen en
te relativeren of om over ernstige zaken ons even heen te zetten.
Verdriet bij het overlijden van iemand kan aanleiding zijn om grappen
te maken en even te kunnen lachen. Onze hersenen geven precies aan
wanneer de spanning teveel wordt en de lach verminderd die spanning.
Lachen als onderdeel van het menselijk gedrag wordt gecontroleerd
door de hersenen in het zgn. limbisch systeem.


Verschillende
onderzoeken hebben aangetoond dat lachen gezond is en een
therapeutisch effect hebben De hersenen maken endorfine en dopamine
aan tijdens het lachen, door deze stofjes voelt iemand zich
lekkerder. Lachen werkt ook stressverlagend en stimuleert zelfs het
immuunsysteem. Sociaal lachen blijkt ook de drempel voor pijn te
verhogen en heeft een duidelijke functie in het groepsgedrag van
mensen. Door met elkaar te lachen laten mensen zien dat ze geen kwade
bedoelingen hebben en elkaars aanwezigheid geaccepteerd wordt.
Bovendien is lachen aanstekelijk, als één iemand gaat lachen gaan
vaak anderen mee lachen. In bijna alle gevallen gaan we lachen als we
iets humoristisch vinden en we dus in eerste instantie op het
verkeerde been gezet zijn of dit nu is door iemand die ons iets
vertelt of dat we iets zien gebeuren wat we totaal niet verwachten op
dat moment. Eigenlijk zou je kunnen zeggen dat we om ons zelf lachen
omdat we er helemaal naast zaten.

In die zin is lachen een vorm van
zelfspot waarmee we onszelf relativeren. Natuurlijk is er ook een
vorm van uitlachen, het jezelf beter achten dan de ander zoals de
domheid van de ander belachelijk maken maar dit heeft niets met
spontaan lachen te maken maar met eigendunk, jezelf hoger stellen dan
de ander getuigt van je eigen domheid, want iemand die zichzelf echt
hoogacht zal anderen nooit gering achten. Een mens heeft zelfkennis
nodig om vanuit zelfspot hartelijk te kunnen lachen, of zoals de
volgende uitspraak zegt: ‘niemand is volmaakt behalve ik, want ik ben
het volmaakte voorbeeld dat niemand volmaakt is.’ Blijf lachen, want
dat is gezond.

A.L.
Duscees