Over
smaak valt te twisten

Onlangs
wond mijn vrouw zich nogal op over een reclame op tv betreffende een
datingsite. Deze site, Second Love, stelt mensen in de gelegenheid
elkaar te vinden om vreemd te gaan. Dat moest volgens haar verboden
worden. Nu ben ik geen voorstander van vreemdgaan, maar mijn reactie
was dit kan je niet verbieden, zoiets heeft te maken met moraal en
fatsoen, wat begrippen zijn die je niet in een wet kan vastleggen. In
de gevallen dat men zoiets stiekum doet, komt het woord bedrog om de
hoek kijken, maar er zullen zeker ook relaties zijn waarin men met
elkaar heeft afgesproken dit aan elkaar toe te staan. Ieder zijn
meug, maar dit heeft met de vrijheid van het individu te maken. Zodra
men daar beperkingen aan gaat opleggen sla je een weg in die het
zelfbeschikkingsrecht, onderdeel van de mensenrechten, gaat beperken.

Sites als voornoemd hebben enkel en alleen de bedoeling om geld te
verdienen en zien een gat in de markt van de datingsites, fatsoen of
goede smaak spelen daarbij geen rol. Al jaren erger ik me soms aan tv
programma’s bij de commerciële zenders en met name SBS waarbij de
heersende moraal en het fatsoen opgerekt worden ten behoeve van de
kijkcijfers, dus geld verdienen ten koste van alles. Blijkbaar loont
dit, m.a.w. veel mensen kijken ernaar en willen dit dus zien. Ik
vraag me dan af wat is er met de fatsoensnormen in onze maatschappij
aan de hand. Volgens wikipedia kan fatsoen worden
gezien als een groot aantal sociale conventies, die worden
bijgebracht aan een kind tijdens de opvoeding door de ouders. Een
begrip dat lijkt op fatsoen is moraal.
De moraal wordt echter veelal gezien als iets hoogs, met een hoger
doel. Fatsoenlijkheid heeft daarentegen vooral te maken met het
dagelijks gedrag van mensen. Wat echter precies fatsoenlijk is
varieert sterk voor verschillende culturen. De meeste landen
bijvoorbeeld hebben wetgeving tegen wat onfatsoenlijke gedragingen
zouden zijn, bijvoorbeeld om bepaalde lichaamsdelen onbedekt te
vertonen. De contrasten tussen landen en culturen zijn enorm. In
sommige culturen moeten vrouwen of mannen bijvoorbeeld hun gehele
lichaam bedekken, in andere landen lopen beide seksen vrijwel naakt.
Ook binnen één land zal het fatsoensbegrip echter sterk variëren,
afhankelijk van de sociale, etnische of religieuze achtergrond, of
alleen maar de plaats waar men zich bevindt. Kleding die op het
strand correct is, geldt in de stad niet als fatsoenlijk.

Fatsoenlijkheid heeft in Nederland voor veel mensen een negatieve
bijklank gekregen, omdat het gelijk is gesteld aan bekrompenheid, en
weinig tolerantie voor andere gedragingen. Het zou wellicht ook te
maken hebben met een gevoel van onvrijheid, zichzelf beletten te doen
waar men zin in zou hebben. Dan is er nog het begrip goede smaak wat
sterk aan fatsoen is gekoppeld. Dit betreft een cultureel patroon van
keuze en voorkeur en is nauw verbonden met sociale relaties tussen
mensen. Individuele gevoeligheden spelen hierbij ook een rol. Echter
wat we binnen onze sociale relaties zelf niet zouden doen, willen we
kennelijk toch wel zien op tv van anderen. Dit riekt naar hypocrisie.
Wat mij betreft valt er over ‘goede’ smaak wel degelijk te
twisten. Om te beginnen eerlijk en consequent zijn, als iets stiekem gedaan wordt zegt dit al genoeg, of je doet het open, of je doet het
niet. Wanneer je negatief reageert op bepaalde programma’s, vaak
ook in gezelschap, kijk er dan niet naar, hoe minder er kijken hoe
eerder van de buis. Wat mij betreft houdt fatsoen in dat je rekening
houdt met gevoelens van de ander zonder dat deze je leven gaan
bepalen, ook de verantwoordelijkheid en voorbeeldfunctie ten opzichte
van je kinderen en naaste omgeving vallen hieronder. Fatsoen is niet
bekrompen, maar een teken van goede smaak. Vrijheid om te doen wat je
wil mag er voor iedereen zijn, maar in sommige gevallen moet je die
vrijheid binnen je privé of binnen daarvoor aangemerkte plaatsen
houden.

We hebben b.v. geen probleem met mensen die van naturisme
houden, laat ze lekker bloot lopen, maar we zouden niet willen dat ze
dat in het openbaar op straat doen.

Ook
tv makers dienen zich bewust te zijn dat alles wat zij maken en laten
zien zowel fysiek als geestelijk in de openbare ruimte komt, ook voor
hen zou goede smaak een leidraad moeten zijn in plaats van geldzucht.

A.L.
Duscees