Secularisatie
en gevolgen daarvan

Het
woord secularisering heeft meerdere betekenissen, in deze tijd
benoemen we hiermee de ontkerkelijking. Daarmee wordt bedoelt het
loslaten van de traditionele kerken, maar wil geenszins zeggen dat de
spiritualiteit hierdoor minder zou zijn geworden. Religie in de zin
van op zoek zijn naar zingeving, waarbij meestal een hogere macht
centraal staat, vermengt zich steeds meer met de persoonlijke
innerlijke ervaring van de spiritualiteit. Dit beslaat een veel
breder terrein en kan gaan van geloof in bovennatuurlijke krachten
tot krachten van het diepere IK, en alles wat daar tussen ligt. De
aanspraken van godsdiensten over de absolute waarheid staan onder
hevige druk, althans in onze westerse maatschappij. De persoonlijke
belevingswereld wordt bij ons steeds meer leidend. Volgens
onderzoekers noemen bijna twee van de drie Nederlanders zich
buitenkerkelijk, maar tiert de religie/spiritualiteit welig. Als
gevolg hiervan is de vroegere absolute zekerheid van het leven na de
dood, voor velen niet meer zo zeker hoe dat er dan uit zou zien en
wordt de spirituele beleving vaak toegespitst op het hier en nu.
M.a.w. zingeving en geluk moet binnen ons aardse leven gezocht en
gevonden worden. Het is dan ook niet vreemd dat excessen als de
graaicultuur vanuit egoïstische hebzucht, respectloosheid en
verruwing, hieruit zijn voortgekomen. De beloning voor een goed leven
in het hiernamaals, is veranderd in jezelf belonen in dit leven.

De volle kerken straks op kerstavond, zijn slechts een stukje
folklore geworden. Toch zie ik dit als een tijdelijk doorslaan van de
weegschaal, een periode in de tijd. Ik mag hopen dat het zo zal gaan
als bij die jongen welke ik in militaire dienst meemaakte. Afkomstig
uit Urk, uit een streng gelovig milieu, kon hij de vrijheid die hij
kreeg door in een geheel ander milieu als militair terecht te komen,
niet aan. De weekenden waar wij zo naar uitkeken om naar huis te
gaan, gebruikte hij niet om naar huis te gaan, maar om alles te doen
wat God en zijn milieu verboden hadden. Hij ging naar de hoeren, zoop
zich het lazarus, kortom gedroeg zich als een beest, ook het
voortdurend verzet tegen meerderen had als gevolg meer in de bak dan
daar buiten. Jaren later bij een reunie sprak ik hem weer en wat
bleek, hij was een keurig persoon geworden, weliswaar niet meer
gelovig en niet meer op Urk wonend, maar met normen en waarden en
grote maatschappelijke betrokkenheid. Zijn toenmalige hevige
uitspattingen, omschreef hij als een noodzakelijkheid voor zijn eigen
bewustwording van wat goed en kwaad is, niet opgelegd door zijn
omgeving, maar voortkomend uit zijn eigen wezen. In die zin heb ik
ook het vertrouwen dat het wezen van de mens welke toch een sociaal
wezen is, uiteindelijk de excessen achter zich zal laten en zonder
dat dit opgelegd wordt door kerken of religies, de normen en waarden
voor een goede sociale samenleving weer zal weten te vinden.

We
moeten alleen oppassen dat de overheid de vroegere invloed van de
kerken niet gaat overnemen en zich overal mee gaat bemoeien, want dan
wordt het opnieuw opgelegd en wordt onze persoonlijke vrijheid weer
beperkt, dan zou de weegschaal terugvallen in de oude stand in plaats
van in evenwicht te kunnen komen. Een goede gedachte hierbij is:
‘loslaten is niet hetzelfde als laten vallen, maar de gelegenheid
geven op eigen benen te kunnen staan.’

A.L.
Duscees