Voedselverspilling

Vorig weekend waren er een tweetal programma’s op tv over verspilling van voedsel, met daarnaast op het museumplein in Amsterdam een lunch met voedsel wat normaliter wordt weggegooid. Dit bracht mij een eerdere column in herinnering welke ik schreef in het voorjaar van 2011, dit naar aanleiding van een toenmalig artikel in BN/DeStem over de vervaldatum van medicijnen. In de programma’s van vorige week kwam naar voren dat wij als consument zelf heel veel kunnen doen aan die voedselverspilling. Groenten die een enigszins afwijkende maat of vorm hebben of waarop misschien een vlekje zit, laten we in de supermarkt liggen, met als gevolg dat deze supermarkten aan de producenten eisen stellen aan de producten, waardoor heel veel wat net niet aan die eisen voldoet wordt weggegooid.Maar ook de aangegeven houdbaarheidsdatum of te gebruiken tot datum, maakt dat niet alleen de supermarkten maar ook wijzelf heel veel weggooien.

De houdbaarheidsdatum is een door het Warenwetbesluit Etikettering van levensmiddelen voorgeschreven vermelding op een levensmiddelenproduct, die de klant informatie biedt over de uiterste datum waarop de consument het product moet hebben geconsumeerd of kan bewaren. Er is verschil tussen “te gebruiken tot” en “tenminste houdbaar tot.” Het eerste betreft producten die bederfelijk zijn zoals vlees, groenten en zuivelproducten die altijd gekoeld bewaard moeten worden, de tweede aanduiding wordt gebruikt voor producten die een houdbaarheidsdatum hebben van vijf dagen of meer. In tegenstelling tot de vermelding “te gebruiken tot” is deze vermelding níet een uiterste consumptiedatum. De fabrikant garandeert de kwaliteit van zijn product tot de vermelde datum. Na het verstrijken van deze datum kan de kwaliteit of de kleur van het product achteruitgaan, maar is nog steeds geschikt voor consumptie. Dit laatste nu is volgens mij onvoldoende bekend, elke datum wordt geïnterpreteerd als zijnde de dag dat het product bedorven is en ziek kan maken. Van nabij maak ik mee dat mijn kinderen alles weggooien wat op of over de datum is, terwijl dit helemaal niet nodig is. In heel veel gevallen zijn de neus, ogen en smaakpapillen een veel beter beoordelingsgegeven dan de aangegeven datum. Ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat fabrikanten ten behoeve van de omzet een zo krap mogelijke datum op hun producten zetten, nergens is terug te vinden hoe die datum tot stand komt, er lijkt geen literatuur over te zijn, ook over de risico’s van over de datum geconsumeerde producten kan ik niets terug vinden. Voedselvergiftigingen komen alleen voor door producten uit de eerste categorie, de bederfelijke producten als vlees, vis, groenten en zuivel. Van een pot jam, een doos hagelslag, frisdranken, snoep enz. zal men geen voedselvergiftiging krijgen. Ook hierin is onze Nederlandse regelgeving wel erg doorgeschoten naar mijn idee en maakt de industrie daar dankbaar gebruik van. Potjes waarin gesteriliseerde groenten zitten zijn vrij van bacteriën en kunnen mits ze niet open zijn geweest zelfs tot 5 jaar na dato nog geconsumeerd worden. Dat was ook de mening van een medewerker van de HAK fabrieken. Het zou veel geld besparen als de supermarkten schappen zouden hebben met dit soort afwijkende maten en vormen of niet bederfelijke producten waarvan de aangegeven datum verstreken zou zijn. Men kan ze dan voor een lagere prijs aanbieden. Dit geeft niet alleen een besparing voor de producenten, maar ook voor ons als consument.

A.L. Duscees