De dunne lijn tussen netwerken en
corruptie

Afgelopen week was in het plaatselijk nieuws een conflict aan de
orde tussen een burger en een van de wethouders, waarbij aan de
integriteit van het Dongens college getwijfeld werd, temeer daar de
klacht van de burger ongegrond werd verklaard. De overwegingen van
deze ongegrond verklaring konden niet aan de openbaarheid worden
prijsgegeven volgens de burgemeester. Dit bracht mij op de
bovenstaande kop.

Netwerken

Volgens de encyclopedie is er sprake van een netwerk als mensen in
enigerlei vorm elkaar kennen of samenwerken, we spreken dan van een
sociaal of beroepsmatig netwerk. Het woord ‘netwerken’ (tijdens
een gelegenheid relaties onderhouden of opdoen) is hier ook van
afgeleid.

Er zijn verschillende sociale netwerken, bv. de familie, clubs of
op een kantoor waar men elkaar zeer intensief ontmoet en anderzijds
bij bv. wetenschappers die elkaar één keer per jaar bij een congres
zien. Als sociale netwerken worden ingezet kan vaker de juiste man op
de juiste plaats gezet worden en hierdoor wordt een goede
samenwerking verkregen en worden conflicten verminderd. Op zich is
hier niets mis mee.

Corruptie

Corruptie is het politieke, sociale of economische verschijnsel
waarbij iemand in een machtspositie ongeoorloofde gunsten verleent in
ruil voor wederdiensten of als vriendendienst. Soms ook met
financiële middelen. Corruptie is altijd in strijd met de
integriteit van de corrupte persoon. In veel landen moeten ambtenaren
bv. een ambtseed afleggen. Corruptie is het symptoom van een slechte
regering of een slecht ondernemingsbeleid en gaat altijd ten koste
van arme of eerlijke mensen. Het beschadigt een van de fundamenten
van de democratie en openbare orde, namelijk dat iedereen dezelfde
rechten heeft. Hier is dus alles mis mee.

Mijn inziens kun je zeggen dat netwerken op basis van
gelijkwaardigheid gaat en dat bij corruptie er altijd sprake is van
een machtspositie. Rond de scheidslijn tussen deze twee ligt een
schemergebied.

Wanneer is nu sprake van het een of het ander, een voorbeeld :
Bouwbedrijf A heeft een onderaannemer nodig voor bv.
loodgieterswerkzaamheden. Jantje kent Pietje van een of andere club
of vereniging en vertelt hem dat naast kwaliteit er bij een goede
offerte, bij hem thuis ook nog een flinke klus gedaan kan worden,
maar dan wel tegen een gunstig uurtarief. Valt elkaar iets gunnen
omdat je elkaar goed kent en beiden er beter van worden nu onder
netwerken of riekt het naar corruptie. De directeur van het
bouwbedrijf is op dat moment wel in de machtspositie om de ander werk
te geven of niet. Dezelfde vraag kun je stellen als het om
overheidsmaatregelen gaat, kan een wethouder of burgemeester op grond
van zijn of haar positie iemand binnen de regels van de wet iets
gunnen omdat het een goede vriend of collega is ? Persoonlijk denk ik
dat er in het eerste voorbeeld niet echt schade gedaan wordt aan
mensen, maar dat van een overheid verwacht moet worden ten allen
tijde onkreukbaar te zijn en zonder aanzien des persoons haar
beslissingen moet nemen. Mij lijkt dat maatregelen die hierbij
vraagtekens oproepen, zoals in dit geval in Dongen dan ook ten allen
tijde voorkomen moeten worden.

A.L. Duscees