Verwondering, geloof en onbegrijpelijkheid

Al maanden kamperend in een bosrijk gebied, kijk ik met grote verwondering naar de natuur hoe alles perfekt in elkaar lijkt te passen, zowel bij de flora als de fauna. Waar ik wel een klein beetje dubbele gedachten bij heb, is het feit dat onze twee katten inmiddels zo’n 60 muizen hebben verorberd en de muizenpopulatie in de buurt van onze kampeerplaats daardoor behoorlijk is verminderd. Maar ook dat schijnt bij de natuur te horen, alhoewel onze twee katten er eigenlijk niet in thuis horen, het zijn geen wilde in het bos levende katten, die volgens het Darwinistische principe, onderdeel zouden zijn van de kringloop binnen de natuur. Echter de oorspronkelijke natuur van onze beide huisdieren komt hier weer helemaal naar boven, in de avond en ochtendschemering op jacht gaan en hun prooi meebrengen naar het nest om het daar te verorberen of aan ons aan te bieden. ’s Nachts zijn ze in het bos en overdag liggen ze in de voortent te slapen. De hardheid binnen de natuur neemt echter niet weg dat ik er met grote verwondering naar kijk, de vele soorten vogeltjes, de muizen, mollen, egels en konijnen, een vos en af en toe een ree. Of de specht achter onze caravan en de twee eekhoorntjes die daar ook schijnen te wonen. Het leeft allemaal door de natuur met elkaar. Ik kan daar echt verwonderd van genieten. Bij mij komt dan regelmatig wel de vraag naar boven hoe is het mogelijk dat het is zoals het is. Grootgebracht met een creationistische visie, oftewel het geloof in de schepping zoals die in de Bijbel is beschreven, ben ik daar later weer van afgestapt en heb de Darwinistische theorie als mijn nieuwe geloof aangenomen.

Een groot deel van deze theorie is ook wel wetenschappelijk bewezen, al is het alleen maar de ouderdom van de aarde en het leven wat zich daarop heeft ontwikkeld. Toch blijven er ook bij deze theorie nog vele vragen over. Behalve de fundamentalisten is een groot deel van de oorspronkelijke creationisten er inmiddels ook wel achter dat het idee van een schepping in 7 dagen niet meer te handhaven is. Echter het geloof in een schepper is daarmee niet vervallen, daarvoor kwam in de plaats de theorie van het intelligente design, met andere woorden, de oorsprong van het heelal en daarmee ook de aarde met alles wat daarop leeft, heeft een ontwerper die door de aanhangers van deze nieuwe theorie, niet zo verwonderlijk, toch gezien wordt als de God die in de Bijbel beschreven wordt. Omdat dit toch een gezichtspunt was welke appelleerde aan mijn oorspronkelijke opvoeding en ik ondanks de wetenschappelijke bewijzen van een aantal Darwinistische gezichtspunten, nog altijd het gevoel had er moet toch nog iets meer uitgelegd worden, heb ik me in de theorie van het Intelligent Design enigszins verdiept. Mijn conclusie daaruit was: het zou kunnen, maar ik heb er geen enkel wetenschappelijk bewijs voor gevonden. M.a.w. ook dit is een geloof. De agnostische visie welke ik al jaren heb is hiermee niet veranderd. De natuur en haar prachtige en verwonderlijke schoonheid, blijft daardoor voor mij, ondanks een groot aantal zaken welke wij wel kunnen verklaren, toch onbegrijpelijk. Hoeveel wetenschap en daardoor ook weer theorieën er nog zullen volgen, ik ben er van overtuigd dat ons ‘zijn’ en daarmee ook mijn ‘zijn’ gewoon onbegrijpelijk blijft.

A.L. Duscees